"Zijn de mensen in Gaza bovenmenselijk?"
Nour Z. Jarada is psycholoog en verantwoordelijke geestelijke gezondheid bij Dokters van de Wereld in de Gazastrook. Al bijna drie jaar lang deelt zij haar dagelijks leven, haar angsten, haar verlies en haar hoop. In deze nieuwe bijdrage stelt ze vragen bij het begrip veerkracht en wat het werkelijk betekent om in een gebied te leven waar nood is aan werkelijk alles.
Het is een vraag die ik mezelf steeds vaker stel. Niet omdat ik denk dat het antwoord ja is, maar omdat dit het beeld is dat rond ons is ontstaan. Een beeld van mensen die alles kunnen overleven, alles kunnen verdragen, eindeloos verlies kunnen incasseren en verder gaan alsof er niets is gebeurd. Een beeld van mensen die hun dierbaren begraven, hun huis verliezen, honger, ontheemding, angst en verdriet doorstaan, en toch de volgende ochtend wakker worden, klaar om te werken, anderen te helpen en door te gaan.
De wereld lijkt dit beeld te bewonderen. Ze viert de veerkracht van de Gazanen, hun geduld en hun vermogen om ramp na ramp te overleven. Maar soms vraag ik me af of aan die bewondering geen onzichtbare prijs hangt. Ergens onderweg is veerkrachtig zijn een verwachting geworden. Sterk zijn werd een verplichting. Pijn tonen werd ongemakkelijk voor anderen. Zodra iemand in Gaza uitputting, wanhoop, angst of zwakte toont, wordt dat vaak met verbazing onthaald, alsof lijden onverenigbaar is met de rol die ons is toebedeeld.
De afgelopen tweeënhalf jaar hebben we elke denkbare vorm van ontbering doorgemaakt. We hebben bombardementen, ontheemding, uithongering, verlies en de constante angst voor de dood meegemaakt. We zagen wijken verdwijnen, ziekenhuizen instorten, dierbaren onder het puin verdwijnen en families verspreid raken over de Gazastrook en daarbuiten. We namen afscheid van vrienden zonder te weten of we hen ooit zouden terugzien. We lagen nachten wakker, luisterend naar explosies, ons afvragend wie van onze dierbaren de volgende ochtend nog in leven zou zijn. En toch werd van ons verwacht dat we bleven functioneren. Dat we werkten, presteerden, voor anderen zorgden, steun boden en op de een of andere manier emotioneel intact bleven.
Veerkracht en lijden
Zelfs nu, na wat velen een staakt-het-vuren noemen, is het leven in Gaza verre van vreedzaam. Elke dag brengt berichten over nieuwe slachtoffers, nieuwe aanvallen, nieuwe verliezen. Veel mensen hebben nog steeds geen behoorlijk onderdak. Families leven nog in tenten of in beschadigde huizen. Essentiële infrastructuur is nog altijd verwoest. De medische diensten zijn overbelast. Humanitaire hulp blijft ontoereikend en de wederopbouw is nog niet begonnen. Voor veel mensen is overleven nog steeds een dagelijkse strijd.
Misschien is een van de grootste misverstanden over veerkracht wel het idee dat veerkrachtige mensen niet lijden. Ik werk in de geestelijke gezondheidszorg dus weet ik dat dit niet waar is. Veerkracht betekent niet de afwezigheid van pijn. Het betekent doorgaan ondanks de pijn. Het betekent wonden dragen en toch proberen vooruit te komen. Sommige van de meest getraumatiseerde mensen die ik ken, behoren ook tot de sterksten.
Soms vraag ik me af of de moed die mensen zien, simpelweg voortkomt uit het gebrek aan andere keuzes.
Wie van ons in gezondheidszorg en geestelijke gezondheidszorg werkt, draagt vaak een extra last. Elke dag luisteren we naar verhalen van rouw, verlies, terreur en wanhoop. We zien pijn niet één keer, maar honderden keren, door de ervaringen van de mensen die bij ons om hulp vragen. In de psychologie noemen we dit secundair trauma. We dragen niet alleen ons eigen lijden, maar ook fragmenten van het lijden van alle anderen. Met de tijd stapelen die fragmenten zich op.
Ook ik ben hier niet immuun voor. Niet lang geleden, in juni, werd de tuin van mijn huis getroffen. Mensen die me dierbaar waren, werden gedood. Het waren geen vreemden wier namen even in het nieuws opdoken. Het waren mensen van wie ik hield. En hoewel het niet de eerste traumatische gebeurtenis was die ik meemaakte, wordt trauma niet gemakkelijker doordat het zich herhaalt. Ik heb nog steeds flashbacks. Ik leef nog steeds met extreme waakzaamheid. Plotselinge geluiden doen mijn hart nog altijd sneller kloppen. Er zijn momenten waarop ik me overweldigd, uitgeput en kwetsbaar voel.
Rouw verwerken
En toch houdt het leven niet op met eisen aan ons te stellen. Ik moet nog steeds elke ochtend opstaan. Ik moet nog steeds voor mijn kinderen zorgen. Ik moet nog steeds mijn familie steunen. Ik moet nog steeds naar mijn werk gaan en praten met mensen wier pijn vaak de mijne weerspiegelt. Soms vraag ik me af of wat mensen kracht noemen niet simpelweg het ontbreken van elk alternatief is.
De afgelopen twee dagen hebben teams gezocht in de ruïnes van het huis van onze geliefde collega dr. Maisara Al-Rayyes. Dr. Maisara werd samen met zijn hele familie gedood in de eerste weken van de oorlog, en meer dan twee jaar lang lagen hun lichamen onder het puin. Gisteren werden eindelijk twee van zijn zussen geborgen. Eén van hen werd geïdentificeerd aan de hand van een ketting die ze droeg en van de persoonlijke bezittingen die naast haar werden gevonden. Haar tas en identiteitskaart lagen er nog, stille getuigen van een leven dat in een oogwenk werd afgebroken en dat al die tijd onder het puin lag te wachten.
De zoektocht gaat door. Dierbaren komen elke dag samen bij de ruïnes, vasthoudend aan de hoop dat de resten van dr. Maisara en van zijn familie worden gevonden, zodat ze hen eindelijk de waardigheid van een behoorlijke begrafenis kunnen geven. Na al die tijd wachten ze nog steeds op een afscheid dat nooit kwam, en op de kans om voor hem te bidden en hem te begraven, en de kans om hem te rouwen zoals hij verdient. Er is iets diep hartverscheurends aan het zien van mensen die twee jaar moeten wachten op het eenvoudige mensenrecht iemand te kunnen begraven van wie ze houden.
Deze pijnlijke details brachten herinneringen terug die wij allen met een migratieparcours in ons meedragen. Ik dacht aan de rugzakken die we van de ene plek naar de andere sleepten. Ik dacht aan hoe ieder van ons een heel leven in één tas probeerde te proppen. Belangrijke documenten, een paar kledingstukken, familiefoto's, medicijnen en kleine bezittingen die te kostbaar waren om achter te laten.
Onuitsprekelijke werkelijkheden
Hoeveel we ook schrijven, beschrijven of uitleggen, woorden blijven ontoereikend. Er zijn werkelijkheden die niet volledig over te brengen zijn. Je kunt honger beschrijven, maar niet hoe het voelt om je kind om eten te horen vragen dat je niet kunt geven. Je kunt angst beschrijven, maar niet het gevoel om elke ochtend afscheid te nemen van je kinderen voordat je het huis verlaat, terwijl je je afvraagt of je zult terugkomen. Je kunt rouw beschrijven, maar niet het moment waarop iemand een dierbare herkent aan een persoonlijk bezit dat jaren na zijn dood uit het puin wordt gehaald.
En toch, bij al het lijden dat we hebben meegemaakt, is er nog iets anders dat velen van ons hebben geleerd: dankbaarheid. Een pijnlijke, ingewikkelde dankbaarheid. Dankbaarheid voor dingen die eens onbeduidend leken. Een dak boven ons hoofd. Een maaltijd die onze maag vult. Schoon water. Een paar uur elektriciteit. Een telefoontje van iemand van wie we houden. De eenvoudige zegen om in leven te zijn. Die kleine dingen hebben een immense waarde gekregen, omdat zoveel mensen om ons heen ze verloren hebben.
Dus wanneer mensen me vragen of de mensen in Gaza bovenmenselijk zijn, is mijn antwoord eenvoudig.
Nee.
We zijn geen superhelden.
We zijn mensen. We worden bang. We worden moe. We rouwen. We huilen. We zijn gebroken. We worstelen. We dragen trauma's die jaren bij ons kunnen blijven. We hebben momenten van moed en momenten van wanhoop. We gaan door, niet omdat we buitengewone krachten bezitten, maar omdat we mensen hebben van wie we houden, verantwoordelijkheden die we niet kunnen laten vallen, een geloof dat ons overeind houdt en een diep instinct om het leven te beschermen, zelfs wanneer het leven ondraaglijk moeilijk wordt.
Nour
Gaza, Palestina
Aller plus loin
Inschrijven voor de nieuwsbrief

Dokters van de Wereld is lid van het Consortium 12-12, 11.11.11, Ethische Fondsenwerving en Donorinfo.
Contact
Dokters van de wereld
Kruidtuinstraat 75, 1210 Brussel
+32 (0) 2 225 43 00
BTW: BE 0460.162.753
Doe een gift: BE26 0000 0000 2929
Info
Voor alle vragen over onze operaties en humanitaire diensten:
Voor alle vragen over donateurs, mandaten en onze rekruteerders:
donateurs@doktersvandewereld.be
